BSN-verificatie bij kinderen
Uitgave 28 maart 2017, door LSP Servicedesk van REN West-Brabant, Christine Meijer, lsp@renwbr.nl

 

Casus
Een kind van 5 jaar komt onverwacht met haar vader op de eerste hulp in een ziekenhuis. Ze gebruikt medicatie voor haar astma. Het meisje heeft geen identiteitsbewijs, haar vader weet wel haar Burgerservicenummer omdat deze op haar verzekeringspas staat.

 

Een betrouwbaar Burgerservicenummer
Om er zeker van te zijn dat met een betrouwbaar Burgerservicenummer wordt gewerkt, moet de zorgaanbieder twee dingen doen namelijk: (1) de patiënt identificeren én zijn (2) Burgerservicenummer opvragen of verifiëren bij een betrouwbare bron. Pas als de juiste persoon aan het juiste nummer is gekoppeld, kan er sprake zijn van betrouwbare gegevensuitwisseling met behulp van het Burgerservicenummer.

 

LSP en Burgerservicenummer
Zonder identificatie (vaststellen identiteit met Wettelijk Identiteitsdocument (WID)) en verificatie (Sectorale Berichten Voorziening in de Zorg (SBV­Z)) van het Burgerservicenummer kunnen de medicatiegegevens via LSP niet worden bevraagd.

 

Identificatieplicht
De Rijksvoorlichting zegt: “de identificatieplicht in de zorg houdt in dat u zich moet kunnen identificeren met een geldig identiteitsbewijs als u medische zorg ontvangt. Dit geldt voor iedereen, dus ook voor boorlingen en minderjarigen jonger dan 14 jaar. De identificatieplicht geldt in de gehele zorgsector, dus bij alle zorgaanbieders in de eerste en tweede lijn.”

 

Wettelijke identiteitsdocument
Een wettelijk identiteitsdocument is een geldig paspoort, een Nederlands identiteitsdocument, een Nederlands rijbewijs of een Nederlands vreemdelingendocument.
Ongeldige documenten voor identificatie, ofwel documenten waarmee u zich niet wettelijk kunt identificeren zijn: willekeurige pasjes en kaarten, zoals een ov-kaart, bromfietscertificaat, pinpas of zwemabonnement; een verlopen identiteitsbewijs; een kopie van uw paspoort, identiteitskaart, rijbewijs of vreemdelingendocument.

 

Hoe komt een ouder of verzorger aan het Burgerservicenummer van hun kind?

  • Bij de gemeente staat een kind ingeschreven in de Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens (GBA). De gemeente kan een uittreksel verstrekken met hierop het Burgerservicenummer van het kind
  • Op de zorgverzekeringspasjes staat vaak het Burgerservicenummer vermeld.
  • Bij ontvangen van een kind-gebonden toeslag: https://mijn.toeslagen.nl.
  • Bij ontvangen van de kinderbijslag, via de Sociale Verzekeringsbank: http://www.svb.nl/int/nl/mijn_svb/inloggen/bekijk_uw_gegevens/index.jsp
  • Op het identiteitsbewijs en/of paspoort een ouder of verzorger.
  • Op het identiteitsbewijs en/of paspoort van het kind zelf.

 

Paspoort
Een bijschrijving van een (minderjarig) kind in het paspoort van de ouder kan worden gebruikt ter legitimatie van het kind. Deze ouder moet dan mee naar de arts of het ziekenhuis om het kind te kunnen identificeren. Echter kunnen kinderen kunnen sinds 26 juni 2012 niet meer worden bijgeschreven in het paspoort van de ouder.

 

1. De patiënt identificeren
Vanaf het moment dat het BSN in de zorg wordt gebruikt, moet bij een eerste contact met patiënten waar nog geen behandelrelatie mee is de identiteit worden vastgesteld aan de hand van een Wettelijk Identiteitsdocument (WID). Dit houdt in dat men:

  • Controleert of er sprake is van een Wettelijk Identiteitsdocument.
  • Controleert of het identiteitsdocument niet verlopen is.
  • De patiënt vergelijkt met de foto op het identiteitsdocument.

2. BSN opvragen of verifiëren bij een betrouwbare bron

Een zorgaanbieder vraagt het Burgerservicenummer op bij een betrouwbare bron: de Sectorale Berichten Voorziening in de Zorg (SBV­Z) of de Gemeentelijke Basisadministratie persoonsgegevens (GBA). SBV-Z ontleent haar gegevens aan de GBA. Voor bevragingen van SBV-Z is een UZI-pas noodzakelijk en kan worden nagegaan:

  • of een nummer een Burgerservicenummer is,
  • of een bepaalde persoon een Burgerservicenummer heeft en zo ja:welk nummer dat is en aan welke persoon een bepaald Burgerservicenummer is toegekend,
  • of het identiteitsdocument in omloop is.

De zorgaanbieder hoeft het Burgerservicenummer niet zelf op te vragen of te verifiëren als hij het Burgerservicenummer heeft verkregen van een andere gebruiker van het Burgerservicenummer die de juistheid daarvan al eerder heeft vastgesteld.

Wanneer het Burgerservicenummer wordt doorgeleverd blijft de plicht bestaan om de cliënt bij het eerste contact te identificeren.

 

Uitwisselen BSN tussen zorgaanbieders
Als de identiteit van de patiënt is vastgesteld én het Burgerservicenummer is geverifieerd, kan het Burgerservicenummer worden gebruikt in de onderlinge communicatie met andere zorgaanbieders. Het BSN dat met de gegevens over een patiënt wordt meegeleverd mag door de ‘ontvangende’ zorgaanbieder worden overgenomen in zijn eigen administratie maar (nog) niet worden gebruikt in de verdere gegevensuitwisseling; daarvoor moet die zorgaanbieder op zijn beurt eerst de identiteit van de patiënt vaststellen. Immers, ook door deze zorgaanbieder moet de juiste persoon aan het juiste nummer worden gekoppeld voordat sprake kan zijn van betrouwbare gegevensuitwisseling.

 

Privacy kinderen vanaf 12 jaar
Kinderen vanaf 12 jaar kunnen, bij uitzondering, zelfstandig een behandelingsovereenkomst aan gaan. In die gevallen waarin een kind tussen de 12 en 14 jaar toch een bezoek wil brengen aan een zorgaanbieder zonder dat zijn of haar ouders daarvan weten, kan het kind dit aan de zorgaanbieder melden. De zorgaanbieder kan in een dergelijk geval pragmatisch met de identificatie omgaan en volstaan met identificatie aan de hand van bijvoorbeeld een schoolpasje. Gegevensuitwisseling zal dan niet op basis van het BSN plaatsvinden, maar op basis van identificerende persoonsgegevens (geslachtsnaam, voornamen, geboortedatum, postcode en huisnummer). Bij verstrekking van persoonsgegevens moet u vermelden dat er geen identiteitscontrole heeft plaatsgevonden.

 

Probleemstelling
Zonder identificatie (WID) én verificatie (SBV­Z) van het Burgerservicenummer kunnen de medicatiegegevens via LSP niet worden bevraagd. Veel jonge kinderen hebben geen wettelijk identiteitsdocument. Ouders en verzorgers zijn zich van de noodzaak vaak niet bewust. Wellicht wordt het bezitten van een wettelijk identiteitsdocument pas actueel wanneer een reis naar het buitenland gepland wordt.

 

Hoe lossen we dit op?
Op websites die gericht zijn op jonge ouders, wordt dit onderwerp wel benoemd. De vraag is of iedere ouder van een jongeling zich bewust is van de noodzaak om op de eerste hulp of Huisartsenpost via LSP de medicatieverstrekkingen inzichtelijk te krijgen. Los van het feit dat ouders toestemming voor hun kinderen onder de 16 jaar toestemming moeten geven bij hun huisarts en apotheken voor het delen van gegevens via LSP, is een wettelijk identiteitsbewijs dus ook noodzakelijk. Natuurlijk worden spoedgevallen wel behandeld op een eerste hulp (ouders of verzorgers moeten hun kind daarna binnen 14 dagen identificeren), maar eerdere medicatieverstrekkingen via het LSP zijn niet beschikbaar. Dat dit, zeker voor chronische patiënten, van levensbelang kan zijn, behoeft geen toelichting.

 

Softwaremachtige oplossing
Binnen andere (LSP) Regio Organisaties is dit een bekend probleem. Bij Chipsoft (HIX) ligt al langere tijd het verzoek om een soort spoedknop te maken waarmee het BSN ook geverifieerd kan worden zonder de WID-controle. Dit punt is nog niet opgepakt binnen de softwareontwikkeling bij Chipsoft, sterker nog, het staat niet bovenaan het prioriteitenlijstje.
Over andere leveranciers van ziekenhuisinformatiesystemen is op dit moment niets bekend.
Mijn advies is een landelijk onderzoek te doen naar onder de diverse ziekenhuisinformatiesystemen en een collectief verzoek te doen bij de softwarebouwers voor de eerdergenoemde ‘noodknop’. Daarnaast is het zinvol dat ieder ziekenhuis bij hun eigen leverancier dit probleem onder de aandacht te brengt.

 

Campagne
Naast een technische oplossing zie ik ook de noodzaak van informatievoorziening aan ouders of verzorgers. Zij dienen in ieder geval te weten dat medicatieverstrekkingen via het LSP bevraagbaar zijn en welke inspanning zij op voorhand hiertoe dienen te nemen.
Aangezien ik voorstander ben van het activeren van de patiënt inzake zijn/haar opt-in bij huisarts en apotheken, stel ik een combinatie campagne voor. Enerzijds het geven van uitleg over het geven van toestemming aan huisarts en apotheken als wel de noodzaak van een Wettelijk Identiteitsdocument voor hun kind(eren).

 

 

Bronnen
Rijksoverheid
Handboek:Invoering en gebruik burgerservicenummer in de zorg: http://www.zzpclientagenda.nl/ECD%20files%20VGN/Doc/handboek-bsn-web-_tcm19-142972.pdf
http://identiteitskaart.net/baby-en-kinderen. NB. het is niet gemakkelijk maar VERPLICHT om je te identificeren in de zorg vanaf de geboorte.